Doordachte precisie

×

Van oppervlakkig tot gemiddeld diep

De perfecte wisselwerking tussen framestructuur, tanden, slijpgereedschap en nauwkeurige dieptegeleiding over het gehele werkveld vormen de basisvoorwaarden voor constante en oppervlakkige grondbewerking. De PLANO combineert dit alles op een compacte manier.

De PÖTTINGER getrokken oppervlakkige cultivator zorgt zo voor een volledig doorgesneden oppervlak, zelfs bij een lage werkdiepte van 3 cm of meer. Toch kan de PLANO meer dan alleen oppervlakkig werken. Werkdiepten tot 15 cm zijn ook mogelijk. Dit biedt vele toepassingsmogelijkheden en universeel gebruik gedurende het jaar.


Orde moet er zijn

Een uniform en optimaal werk over de gehele breedte van de machine is cruciaal voor een succesvolle bewerkingsstap. Om trekkracht aan de zijkant en de daaruit voortvloeiende nadelen te voorkomen, zijn de tanden symmetrisch langs de centrale treklijn op de opklapbare panelen geplaatst. Daarnaast zijn er economische voordelen door een lager brandstofverbruik en een gelijkmatige slijtage.

De geoptimaliseerde tandverdeling in combinatie met de constructie met 6 balken en de grote framehoogte zorgt voor een grote doorgang tussen de tanden en onder het frame. Zelfs met veel organisch materiaal is er dus voldoende doorgang voor verstoppingsvrij werk.


Exact geleid

Vooral bij een oppervlakkige bewerking van de bodem zijn een nauwkeurige diepteregeling en het handhaven van de ingestelde diepte essentieel. Zo worden de capillairen, onkruid, graanverliezen en tussengewassen zo ondiep mogelijk over het hele oppervlak afgesneden, en worden de wortels netjes gescheiden van de kiemscheuten en het vegetatiepunt. Samen met zo weinig mogelijk overgebleven grond op de bovengrondse planten is dit essentieel voor het afsterven van levende planten.

Er moet voor worden gezorgd dat alle planten en onkruid over de gehele breedte van de machine op uniforme wijze worden verwerkt. Dankzij de diepteregeling met verschillende tastwielopties vooraan, de nalooprollen én het onderstel achteraan past de PLANO zich optimaal aan de bodem aan. Voor een maximaal comfort bij de afstelling wordt de werkdiepte eenvoudig hydraulisch afgesteld vanuit de cabine van de tractor.


Werktuigen naar wens

In het hart van elke PLANO bevinden zich de tanden die zijn uitgerust met beitels. De structuur en eigenschappen hiervan hebben een aanzienlijke invloed op het werk in de bodem en het resulterende werkresultaat. Daarom zijn er twee verschillende tandensystemen beschikbaar voor de PLANO, afhankelijk van de bodemgesteldheid en de toepassingsgebieden.

Beide tandsystemen kunnen worden uitgerust met de ganzenvoetbeitels DURASTAR PLUS of de spitse beitels DURASTAR. De ganzenvoetbeitels zijn dankzij hun vorm ideaal om ondiep en over het hele oppervlak te werken en te snijden. De spitse beitels zijn bijzonder geschikt voor diepere bewerkingen en intensief mengen. Maar ze kunnen ook worden gebruikt bij het bewerken van vlakke stoppelvelden.