Het beste voor uw bodem

×

Wat is de bodem?

De bodem is de bovenste losse laag van de lithosfeer, waarin de atmosfeer, hydrosfeer en biosfeer samenkomen, zich vermengen en wederzijds beïnvloeden. Uit het betreffende uitgangsgesteente is de bodem ontstaan, onder invloed van de factoren klimaat, vegetatie, belief, water, dieren en mensen. Door bodemvormende processen zijn in de loop van miljoenen jaren verschillende lagen en ontwikkelingstoestanden ontstaan.

Bodemtypes

Verschillende bodemtypes laten telkens dezelfde karakteristieke horizontale processen zien. Bijvoorbeeld bruine aarde. Deze types hebben uiteenlopende kenmerken en specificaties. Op basis hiervan kunnen conclusies worden getrokken ten aanzien van de ontstaansgeschiedenis en specifieke karakteristieken worden onderscheiden die voor de teelt en de bescherming van gewassen in aanmerking moeten worden genomen.

Bodemsoort

Onder de bodemsoort wordt de samenstelling van de korrelgrootte van de mineraaldeeltjes verstaan. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen grove bodems met korrelgroottes van meer dan 2 mm, die het bodemskelet vormen, en fijne bodems met een korrelgrootte van minder dan 2 mm. Bij fijne bodems worden de primaire korrels onderverdeeld in drie klassen van grootte: zand, slib en klei. De primaire korrels hebben een diameter van minder dan 0,002 mm bij fijne klein tot 2 mm in het geval van grof zand. Daartussen zijn er allerlei subfracties van korrels.


Invloed van de bodemsoort op de bodemeigenschappen

Verschillende korrelgroottes beïnvloeden de eigenschappen van de bodem in sterke mate. Hoe groter de bestanddelen, hoe hoger de waterdoorlaatbaarheid, beluchting en doorwortelbaarheid. Daarnaast neemt het watergehalte en vooral het watervasthoudende vermogen echter sterk af. Een dergelijke bodem wordt gekenmerkt door een hoog grind- dan wel zandaandeel.

Hoe kleiner de korrelgrootte, hoe groter het poriënvolume is. Het watervasthoudende vermogen en de kationenuitwisselingscapaciteit nemen toe, waardoor er meer voedingsstoffen kunnen worden opgeslagen. Het gasaandeel neemt echter af.

Een hoog watervasthoudend vermogen biedt echter niet alleen voordelen. Als een bodem die veel klei bevat onder lastige, natte omstandigheden moet worden bewerkt, kan dit een negatieve invloed hebben op de bodemeigenschappen.

Waterhuishouding

Planten kunnen alleen water opnemen dat beschikbaar is voor planten. Dit bodemwater wordt opgeslagen tussen de middelste poriën en wordt hechtwater genoemd.

Hechtwater tussen de fijne poriën, met diameters van minder dan <0,2 µm, is niet beschikbaar voor planten. De zuigspanning in deze kleine poriën is te groot, zodat het water niet door wortels kan worden ontsloten. De poriën zijn te klein voor het wortelstelsel en nemen toe door schadelijke bodemverdichting.

Doorsijpelend water, dat door neerslag in de bodem terechtkomt, wordt tussen wijde grove poriën en nauwe grove poriën met een grootte van >50 µm en 10-50 µm opgenomen. Tussen de wijde grove poriën beweegt dit water snel en tussen nauwe grove poriën langzaam.