

Op de terminal kunt u met behulp van een eenvoudig, overzichtelijk bedieningspaneel vooraf selecteren met welke instelling u het kuilvoersysteem wilt bedienen. Het starten en stoppen van de toediening en, in sommige gevallen, de toedieningssnelheid van het kuilvoer kan worden ingesteld met behulp van drie verschillende instel-modi:
1 handmatig via een druk op de knop (in- en uitschakelen met een druk op de knop, het productievolume wordt vastgelegd)
2 pick-uppositie (via ISOBUS resp. een extern signaal; alleen in- en uitschakelen via de pick-up positie)
3 snelheid – LIQUIDO F 3000 (via ISOBUS resp. signaalstopcontact, het productievolume wordt geregeld via dynamische productie)
Anders dan bij de LIQUIDO F 2000 wordt de pomp van de LIQUIDO F 3000 bij het deactiveren van de spuitmonden niet uitgeschakeld. Het vocht wordt daarbij teruggevoerd aar de hoofdtank.
Een initiële toepassingsdosering moet worden bepaald voordat LIQUIDO F opnieuw wordt gebruikt. De sleutelfactoren hierbij zijn het bepalen van de zwadgrootte en aan welke bevochtiging de voerstroom moet worden blootgesteld.
Na het bepalen van het zwad en de eerste rit met de opraapwagen of balenpers kunnen de waarden worden aangepast en vervolgens naar de terminal worden verzonden.
Voor deze correctie zijn de volgende parameters nodig:
De werkelijke hoeveelheid afgegeven vloeistof wordt bepaald met behulp van de debietsensor.
De gereden meters worden opgeslagen via ISOBUS.
De ruwvoermassa's kunnen worden berekend met een geïntegreerd weegsysteem op de machine of door de opraapwagen of een baal afzonderlijk te wegen.

Wanneer de pick-up wordt opgeheven, wordt het toedienen van kuilvoer uitgeschakeld, waardoor kuilvoer wordt bespaard.
De pick-up positie wordt herkend door het ISOBUS-signaal, deze informatie wordt doorgestuurd naar de regeleenheid en de uitvoer wordt gedeactiveerd. Deze functie voorkomt onnodige toepassing van kuilvoer, wat leidt tot enorme besparingen.
De toediening op de voerstroom wordt hervat als de pick-up omlaag wordt gebracht. Er kan eenvoudig over zwaden worden gereden en ze kunnen in het veld worden omgedraaid zonder economisch verlies van de bacteriële oplossing.
Voor oogstmachines van andere fabrikanten kan een extra sensor op de pick-up worden gemonteerd, zodat het pick-upsignaal ook door deze apparaten kan worden ontvangen en ze dienovereenkomstig kunnen reageren.

Bij dynamische uitvoer reageert het systeem op de rijsnelheid van de tractor en oogstmachine en beïnvloedt het zo de dosering van de bacteriële oplossing.
Als de doorvoersnelheid wordt verhoogd en de huidige dosering van het kuilvoer met twee spuitmonden niet meer voldoende is voor de verbruikte hoeveelheid voer, verhoogt de LIQUIDO F 3000 automatisch de dosering. De twee extra spuitmonden worden geactiveerd voor een constante en homogene bevochtiging van het gewas.
Dit zorgt voor een gelijkmatige toepassing van de bacteriële oplossing en maximale efficiëntie.